Maak ruimte voor de zachte kant van krimp

26 mei 2014
  • Wonen
  • Leefbaarheid

Krimp krijgt meer dan ooit aandacht van academici, beleidsmakers en burgers. Deze aandacht is ook terecht: wereldwijd en zeker binnen Europa (en Nederland) is het een vraagstuk, nu en in de toekomst. In de huidige krimp discussie is er veel aandacht voor hardware van krimp. Maar een focus op alleen hardware is niet genoeg. Ook mindware en software verdienen aandacht.

Het fenomeen krimp is zeer complex: waar moet je beginnen met de analyse van krimp? Om de complexiteit van krimp in beeld te krijgen, ontwikkelde Gert-Jan Hospers (2010) een onderverdeling naar: hardware, mindware en software. Hardware refereert naar fysieke omgeving, naar de zichtbare en meest concrete aspecten van krimp. Denk aan leegstand, (te grote) infrastructuur van een stad, etc. Mindware is het imago van het gebied. Krimpgebieden worstelen vaak met een negatief imago. Software betreft sociale structuren in een gebied. Het begrip refereert naar de onderlinge verbanden in de samenleving en is een fundamenteel aspect van krimp. Software is namelijk essentieel voor het functioneren van een krimpend gebied; denk hierbij aan de rol van burgers, sociale cohesie, etc. Krimp kan software zowel positief als negatief beïnvloeden. Negatief doordat sociale netwerken kunnen verzwakken. Positief door de versterking van onderlinge verbanden. Deze indeling naar hardware, mindware en software geeft een duidelijk beeld maar de feitelijke situatie is, natuurlijk, complexer doordat ze nauw met elkaar verbonden zijn.

Hardware van krimp kennen we allemaal. Krimp is goed zichtbaar: verschillende prognoses benoemen het, leegstand, gesloten winkeltjes, lege voetbalvelden, etc. Pijnlijke herinneringen zijn overal. Mede hierdoor zijn krimp discussies sterk gericht op hardware. Steden worden te groot voor ons: wat nu? Bovendien transformeert en krimpt de economie: hoe moeten wij hiermee omgaan? Academici doen samen met beleidsmakers een poging om deze vragen te beantwoorden. Er zijn talloze voorbeelden van succesvolle (en minder succesvolle) reorganisaties van steden, experimenten met bebouwing, factoren die de economie kunnen transformeren, etc. Kortom, hardware is helder en zichtbaar.

Maar hoe zien burgers dit? Wat betekent het om in een krimpgebied te wonen? En wat betekent dit voor leefbaarheid? Zeker, belangrijk zijn de huizenprijzen, leegstand, gemeentefinanciën, goede wegen, goede aansluiting aan de snelweg, werkgelegenheid in de buurt, etc. Echter, leefbaarheid is meer: het is veelomvattend en zeer persoonlijk. Het gaat niet alleen over het fysieke deel, maar ook over de sociale kant van krimp. Dit speelt een grote rol bij de leefbaarheid die burgers ervaren. Het gaat ook over waar mensen willen zijn en hoe zij hun woonomgeving ervaren.

Bijvoorbeeld in een onderzoek naar het toekomstperspectief van jongeren in Landgraaf (krimpgemeente in Parkstad Limburg) komt een enthousiast beeld naar boven. Jongeren geven aan positief over het wonen en leven in Landgraaf te zijn. Natuurlijk zijn er dingen die beter kunnen, maar in Landgraaf voelen zij zich thuis en blijven ze (tenzij het echt niet anders kan). Deze duidelijke place attachment is een teken dat er meer aan de hand is in een stad dan zichtbare hardware. Een stad is thuis; daar waar je bent opgegroeid, waar je ouders wonen, waar de goede bakker ligt, waar je je bestemming hebt gevonden.

Ik pleit voor meer aandacht voor de zachte kant van krimp: Krimp professionals moeten ook mensen zelf vragen naar hun ervaringen. Outsider perspectieven werken niet meer. Aandacht voor mensen in een krimpgebied en hun beleving is belangrijk. Hen betrekken wordt in toenemende mate een noodzaak.

Foto: pixabay.com

Naar blog overzicht