Ieder een eigen speeltuin

2 feb 2015
  • Leefbaarheid

In een Parkstedelijke onderzoeks-, beleids- en bestuurswereld is het misschien vanzelfsprekend en lijkt het kernpunt van beleidsdoelen, projecten en activiteiten te zijn: krimp. Uit de conferentie ‘Kennis voor Krimp’ in november 2014 blijkt dat krimp vooral nog bestreden wordt. Het blijft lastig om krimp te omarmen en de voordelen ervan te benutten op een onalledaagse manier van denken (lees: niet-groei). Als het al niet lukt op papier, in plannen en onderzoek, dan is het in de praktijk misschien nog moeilijker.

In de wereld van de demografie lijkt krimp niet hoog op de onderzoeksagenda te staan, als we afgaan op de presentaties op de Nederlandse Demografiedag in december 2014. Om het in cijfers uit te drukken: van de 52 presentaties gingen er 2 over krimp (exclusief de mijne die keuzes van een groep jongeren met kinderen in een krimpende omgeving belicht). Nu zeggen aantallen onvoldoende, vinden antropologen zoals ik, het gaat juist om de mensen achter de cijfers.

Enerzijds kwamen de effecten van krimp aan bod, te weten de effecten binnen de woningmarkt, leefomgeving, voorzieningen, mobiliteit en arbeidsdruk. Dit sluit volgens mij aan bij het algemene en hardnekkige beeld van krimp: verpaupering en leegstand, werkloosheid, gebrek aan (toegang tot) voorzieningen als winkels, scholen en zorginstanties. De bevolking lijkt zo een lijdend voorwerp. Maar klopt dat wel?

Anderzijds kwamen de strategieën aan bod om krimpende steden te (her)ontwikkelen middels een actieve rol van ouderen. Hierbij kregen niet alleen de belemmeringen en problemen de aandacht, maar ook de kansen. De ouderen hier zouden juist geen passieve subjecten zijn, maar actieve participanten aan stedelijke herontwikkeling. Maar hoe zullen deze burgers krimp juist omarmen? 

De jongeren in mijn onderzoek zijn verre van lijdend voorwerpen van een krimpende omgeving. Ze omarmen krimp niet zozeer, maar gaan ermee om als een gegeven. De term krimp is hen überhaupt niet bekend. Een moeder uit een ‘krachtwijk’ in Parkstad heeft samen met haar buurtgenoten een pleintje in de straat opgeknapt, niet in het kader van ‘sociale cohesie’, noch van ‘burgerparticipatie’, maar vooral omdat haar kind dan een leuke speeltuin had in de wijk. Is dat het omarmen van krimp? Is dat stedelijke herontwikkeling? Zij werd actief, omdat de ‘leefbaarheid’ haar persoonlijke leefwereld raakt. Dit is natuurlijk de zoveelste speeltuin, maar het gaat niet om die speeltuin an sich. Ik vind het dan ook belangrijk om dat persoonlijke en die ervaringen te leren kennen, want daarmee kunnen we de raakvlakken vinden met de abstracte begrippen die rondzingen in een krimpende samenleving. De speeltuin lijkt mij een mooi raakvlak.

Foto: morguefile.com, Ladyheart

Naar blog overzicht