Het.Kan.Wel.

22 mrt 2018
  • Wonen
  • Leefbaarheid

Het thema ‘ergernissen over de overheid’ doet het altijd goed op verjaardagsfeestjes. Het beeld van de 9 tot 5 ambtenaar, ambitieloos en zich altijd indekkend. Bijkomend detail: de meeste ervaringen zijn gebaseerd op het contact met de gemeente over het afhalen van een rijbewijs, het indienen van een vergunning of het aanvragen van een subsidie.

Maar wat je als gemeente meemaakt als het gaat over gedrag en houding van burgers wordt niet snel verteld (of gehoord). Zo is het voorbeeld van de volgende boze burger sprekend. Voor het aanvragen van een vergunning moest een tekening op A3 aangeleverd worden. Dit had de betreffende persoon niet gedaan. Toen hij hierop aangesproken werd, was de reactie dat de gemeente dat zelf maar moest doen. Of de burger die zoekt naar meer sociale contacten en verwacht dat de gemeente dit probleem voor hem oplost.

Bij Gebrookerbos zit ik tussen alle partijen in; zowel de burgers als de overheid. Ik wil hier geen voor of tegen discussie voeren. Wat ik wel wil, is dat er een verandering in gedrag plaatsvindt. Aan beide kanten zijn zaken te verbeteren. Waarom vraagt de burger in het vorige voorbeeld bij het vergroten van het A4tje niet: ‘gemeente, het lukt me niet om dit aan te leveren, kun je mij helpen?’ Ik zie in mijn werk (zowel bij Gebrookerbos als de gemeente) met regelmaat (hilarische) miscommunicatie, waar onwetendheid aan ten grondslag ligt. De meest in het oog springende voorvallen noteer ik in een boekje. Om vervolgens als voorbeeld te gebruiken in mijn overtuiging dat het ook anders kan.

Om die verandering teweeg te brengen, is goede communicatie belangrijk. Een open deur, ik weet het. Door mijn positie tussen alle partijen in, zie ik van verschillende kanten wat er gebeurt en heb ik drie uitgangspunten verzameld waardoor we in elk geval een stapje dichter bij elkaar kunnen komen:

1: Durf een kwetsbare houding aan te nemen

De gemeente weet niet alles, de burger ook niet. Help elkaar en maak gebruik van elkaars kennis.

2: Een constructieve opstelling

Je mag kritiek op elkaar hebben en elkaar aanspreken. Maar alleen met de voorwaarde dat minimaal één alternatief wordt aangedragen door diegene die de kritiek levert. Kijk altijd eerst naar je zelf: welke elementen kun jij zelf beïnvloeden voor verbetering? Wat zou de ander voor je kunnen doen, zonder dat je het probleem geheel bij hem/haar legt?

3: Niet oordelen, maar vragen stellen

Vaak is er niet eens de ruimte of kans om uit te leggen waarom iets wel of niet kan. Wat zit er achter een beslissing? Welke factoren wegen mee? Herken je eigen aannames en laat ze varen.

En de eerste stap? Die wordt vanwege zijn eenvoud vaak onderschat: drink een kop koffie of thee met elkaar. Als je oprechte interesse in elkaar toont, dan vind je elkaar en bouw je betekenisvolle relaties op. Vanuit respect en vertrouwen kun je op zoek naar het gezamenlijke belang van de problematiek of de vraag.

Vorige week opperde ik het koffie drinken als eerste stap tijdens een bijeenkomst over het teruggeven van eigenaarschap van de stad aan burgers. De vraag was hoe je dit moet vormgeven. Dat kan op veel verschillende manieren, maar de eerste stap blijft volgens mij de kop koffie. Een van de aanwezigen gaf als reactie dat dat een idealistisch beeld was. Want een vastgoedmagnaat zit niet te wachten op een kop koffie met een burger. Daar kwam de onderschatting om de hoek kijken. Want dat kan namelijk wel: omdat wordt aangenomen dat iemand dit niet wil, wordt de vraag niet eens gesteld (uitgangspunt 3 in de praktijk).

Doen is het nieuwe denken. Bel iemand op, maak die afspraak. En gebruik je boerenverstand. Wat is het ergste dat kan gebeuren? Dat het antwoord ‘nee’ is? Dat je een ander standpunt hebt? Of misschien wel dat je zelf iets moet veranderen? Overigens is dat ook een prima vraag in een gesprek met burgers; wat is het ergste dat kan gebeuren als je iets verandert? Dat zet de angst die ten grondslag ligt aan niet willen veranderen in een ander perspectief.

Mijn motivatie in mijn werk is laten zien dat het anders kan. Beweging en ruimte creëren, met durf en creativiteit en enthousiasme. Kortom, dat het wel kan. Ik zie uit naar de eerste verjaardag waar een positieve ervaring met de overheid gedeeld wordt!

Naar blog overzicht